dinsdag 12 mei 2015

Dag 46: Perigueux - Saint-Astier (26 km - 1133 km)

Ik stap vandaag van Perigueux naar Saint-Astier, volgens mijn gids een goede 27 kilometer. Maar volgens onze hospita waarschijnlijk wat minder omdat de route veranderd is. Hier hebben de verschillende verenigingen wel samengewerkt en zijn ze overeengekomen om nog één bewegwijzering te voorzien, die van het Franse genootschap. Wij nemen uitgebreid afscheid van Michele, Annie en Didier, onze Franse vrienden. Vanaf Vézelay, toch 22 etappes, liepen wij hetzelfde parcours, zij allicht iets nauwgezetter in het licht van Saint Jacques. Wij kwamen elkaar bijna dagelijks tegen, en overnachtten een 7 à 8 keer op dezelfde locatie. Dat schept toch een band. Volgend jaar pikken zij hier terug in om via de Via del Norte naar Santiago te gaan. Het ga jullie goed!
Vanaf de herberg staan pijlen om de pelgrims terug naar de route te brengen en dat is een luxe. Je hoeft dan niet alle tekst te lezen en de straatnamen te zoeken. Op een goed uurtje ben ik buiten de agglomeratie van Perigueux en voorsteden. Niet de mooiste route maar dat is weer hetzelfde verhaal, en ik begin in herhaling te vallen.

De eerste bezienswaardigheid die ik passeer is de abdij van Chancelade in de vallei van de Beauronne. De moeite waard om even halt te houden en te bezoeken. De abdij en de kapel Saint-Jean, uit de XII-de eeuw zijn mooi in witte steen opgetrokken. De façade van de kerk is in Romaanse stijl. In deze oude kerk tref ik weer een heel eigentijdse kruisweg aan. Voor de rest zijn beide bouwwerken heel sober van binnen. Er is ook een groot park rond de abdijkerk, maar daar is helaas geen tijd meer voor.




 En dan loopt het even fout, ik vind de pijlen niet en de wegbeschrijving in mijn gids zit er weer even naast. Dus ik toer wat in het rond en maak weer enkele overbodige honderden meters. En dan gaat het 
weer het bos in,vanaf hier is St Astier nog 21,7 km.





                                                                                                                                                                    Even verder vind ik een aanwijzing die zegt om nog enkel de pijlen van het genootschap te volgen, het klopt dus wat de hospita ons vertelde. Ik begin aan een serieuze klim om uit de vallei te geraken. Het is puffen tot boven en aan een slakkengangetje ga ik vooruit.  Maar eens in het goede      ritme gaat het alweer vooruit.     


 En ik blijf in de bossen lopen, op en neer, naar links en naar rechts, na een half uurtje weet ik echt niet meer waar ik ben en totaal overgeleverd aan de pijlen. Maar in het bos zijn die gelukkig overvloedig aanwezig.

 In Gravelle kom ik definitief uit de bossen om verder te gaan langs de rivier de Isle en een kanaal dat er langs loopt. Ik beland in een andere vallei met een totaal ander landschap. Het is hier al een heel stuk vlakker en voor vandaag zit er geen klimwerk meer in. Langs het water lopen vind ik wel leuk en aangenaam, onder de bomen langs het kanaal is er voldoende schaduw.







 Ik kom twee wielertoerist tegen waar ik een praatje mee maak. Zij komen langs een totaal nieuw fietspad en autoluwe wegen tot hier. En blijkt dat mijn nieuwe route ook deze weg volgt. Er is hier heel wat geïnvesteerd in die fietsroute, tot zelfs een splinternieuwe brug over de Isle.























 En zo loop ik meestal langs het water tot in Saint-Astier.



 Herman is al aangekomen op de camping en sms’t de nummer van de mobil-home door, een half uurtje later, om 13u45 kom ik ook aan. Ik heb vandaag 26 kilometer gewandeld. Wij zitten hier in een mooie chalet, met 2 slaapkamers, voor 4 personen en betalen 15,44 euro per persoon. Wat een luxe, elk onze eigen slaapkamer.
















Na de douche gaan we het stadje bezoeken en inkopen doen. Herman gaat vandaag koken met verse groenten en vlees. Dat wordt smullen. Wij kopen tomaten, courgettes, champignons en koteletten. En natuurlijk ook het onvermijdelijke brood. Het kleine stadje aan de Isle heeft een mooie oude kern rond de kerk en weer vinden wij hier de verwijzing naar Saint Jacques, zowel in de kerk als op de passage du Marché, heel mooi. Het avondmaal mocht er ook zijn, Herman heeft meer dan zijn best gedaan om met de weinige middelen een  goede en lekkere maaltijd te maken. Ik neem de afwas voor mijn rekening en verplaats ook onze was regelmatig mee met de stand van de zon. Voor de rest is het plannen voor de volgende dagen en ook dat loopt vlot.






Vandaag is het ‘Internationele dag van de verpleegkundigen en verzorgenden’. Vandaag ging ik op stap voor hen, die dagelijks het leed van anderen proberen te verzachten. Het is een nobel beroep, dat je graag moet doen, en waar je veel meer dan alleen maar je loon voor terugkrijgt. Proficiat aan allen! Ik denk dan ook even terug aan Michele, de Franse pelgrim waar wij vandaag afscheid van namen. Zij was altijd bereid om ons met raad en daad bij te staan. Er zouden volgens mij wel nog heel wat meer verpleegkundigen en verzorgenden mogen bijkomen, dan kan mijn verpleegstertje wat meer thuis zijn...

Toch nog even melden: als ik goed geteld heb zit ik vandaag min of meer in de helft van het traject Vilvoorde - Santiago. Ik verschiet er zelf van. Het gaat vooruit ...

maandag 11 mei 2015

Dag 45: Sorges - Perigueux (24 km - 1107 km)

Vandaag gaat de etappe naar de laatste stad van meer dan 30.000 inwoners die wij tegenkomen op Frans grondgebied, Perigueux.
Na het ontbijt vertrekken wij. Over de afwas en de opkuis moeten wij ons deze morgen geen zorgen maken. De hospita zorgt hier voor. De route heeft een heel ander verloop dan deze in mijn gids. Gisteren heb ik de nieuwe route op mijn kaart overgetekend zodat ik ten allen tijde weet waar ik mij bevind. Ik reken op een goede bewegwijzering om mij op de moeilijke plaatsen te helpen. En de route beloofd mooi te worden. Ondanks het feit dat wij weer een grote agglomeratie binnengaan is er toch veel groen op de kaart te zien. Het is al warm om 7u20 en ik kan in t-shirt vertrekken, dat is al even geleden. En het gaat heel goed vooruit. Op drie uren leg ik 16 kilometer af, rustpauze en stops voor foto’s inbegrepen. Mijn gemiddelde ligt weer op een aanvaardbaar niveau. En ik heb weinig last van mijn tenen. Toch moet ik mij niet haasten want wij kunnen pas op 16 uur in de herberg. Deze keer is de aanlooproute naar de stad werkelijk heel goed. Ik loop 85% van het parcours in het bos, dat bovendien voor de nodige koelte zorgt.





 En weer word ik geconfronteerd met de veelheid van bewegwijzering, met allemaal hetzelfde doel, maar een andere weg. Ik heb het hier al eerder over gehad maar nu heb ik een paaltje kunnen fotograferen met alle verschillende symbolen bij elkaar. Over verspilling gesproken. Maar van een ding kan ik zeker zijn, hier hangen meer dan genoeg pijlen, tenminste als je blijft opletten.




 Laurence due een kwartiertje voor mij vertrokken was heeft dat mogen ondervinden. Herman heeft haar weer op het goede spoor kunnen brengen. Dus het parcours was van het betere niveau dan wat wij hier gewoon zijn. Kort na mijn vertrek kom ik een wegwijzer tegen van de GR654 die nog 1210 kilometer aangeeft, dat zal er niet ver naast zijn. Morgen ben ik in principe wat de kilometers betreft in de helft van het parcours.






 Het bos van Lanmarie is immens. Ik loop zeker gedurende 12 kilometer in het bos. Verschillende panelen kondigen het wild dat in de bossen leeft aan: vooral everzwijnen, herten en dassen. Ik probeer zo weinig mogelijk lawaai te maken maar toch zie ik weer geen enkel dier, op een eekhoorntje na. Midden in het bos passeer ik een kampeerplaats met allemaal stevige tenten. De plaats is niet met de auto bereikbaar, dus iets voor echte avonturiers, maar vooral voor mensen die de totale rust willen opzoeken. Je zit hier ook midden in een waar wandelparadijs.


  Op de kruising van de vele paden neem ik een pauze.




 En dan gaat het verder richting bebouwde kom, waar ik eerst langs een stukje gevaarlijke departementale weg moet. In een paar elkaar opvolgende scherpe bochten is het helemaal niet veilig en ik versnel nog om daar zo rap mogelijk weg te zijn.







Om iets voor 12 uur arriveer ik aan de kathedraal van Perigueux, net te laat voor mijn stempel, want tussen 12 en 14 uur is alles hier onherroepelijk gesloten. Ik kan de tijd nemen om de Byzanthijnse kathedraal te bewonderen. Daarna trek ik de stad in, met mijn rugzak op mijn rug, ik raad het niemand aan. Dus beland ik op een terrasje waar ik rustig de tijd dood met wat eten en nietsdoen.
























 Om 15 uur ga ik eerst naar het infokantoor toerisme waar ik een stempel krijg. Dan terug naar de kathedraal voor en tweede stempel (deze is mooier). Er is een gids die ons uitnodigde om de toer van de kerk te volgen en daar ga ik graag op in. Een beetje cultuur is altijd meegenomen.
















 En dan gaat het richting station, naar de herberg van het genootschap van de Périgord-Limousin, in de Rue Gambeta 83. Stipt om 16 uur gaat de deur open en worden wij onthaald. De herberg is nieuw ingericht en meteen ook de permanentie van het genootschap. Ook hier wordt de herberg uitgebaat door vrijwilligers. Alles is hier aanwezig, alleen de was miet met de hand gedaan worden, maar een kleine droogzwierder en de zon zorg er voor dat alles binnen het uur weer droog is. Wij zijn hier met 5 pelgrims: Herman, het Frans trio en ik. Voor de Fransen zit het er op, zijn gingen van Vézelay naar Perigueux en keren morgen terug naar huis.


 Michel die verpleegster is laat nog de helft van haar apotheek aan ons over, zalf, tape, enz... Zij bekijkt nog eens mijn eksterogen (oog moet ik zeggen )want eentje is zogoed als verdwenen. Ik liep vandaag zeker langs 10 apotheken om de stof voor de rondellen te vinden maar tevergeefs. Wij zien wel hoe wij dit in we toekomst aanpakken.









Morgen ga ik naar Saint Astier, een etappe van goed 24 km. Weer geen rustdag hoor ik u zeggen. Maar met drie halve etappes de laatste drie dagen heb ik mijn rustdag gehad. Morgen moet ik reserveren tot volgende week maandag, want met de feestdagen zal alles gesloten zijn. Zo gaat het vooruit natuurlijk.

zondag 10 mei 2015

Dag 44: Thiviers - Sorges (17,4 km -1083 km)


Vandaag slaap ik wat langer dan gewoonlijk. In pelgrimstermen wil dat zeggen tot ongeveer zeven uur. Maar als je leeft en slaapt op het ritme van de zon ben je wel uitgerust als je aan de dag begint. Vandaag gaat de etappe naar Sorges, zo’n 17 kilometer verder, een halve rustdag dus.
Zonder veel woorden worden alle taken weer uitgevoerd, ieder doet zijn deel. Voor het vertrek nog de voeten soigneren. Gisterenavond heb ik nog op advies van Magda een uurtje aan mijn eksterogen bezig geweest. Ik had foto’s doorgestuurd zodat zij kon zien wat er aan de hand was. Neen, die foto’s zijn niet geschikt voor publicatie. Na een half uurtje weken in warm water ben ik er in geslaagd om een eksteroog te verwijderen. Peuteren, krabben, stukjes wegsnijden, ontsmetten, op mijn tanden bijten, ... Mijn kleine teen zag er weer veel beter uit. Deze morgen was alles goed opgedroogd en kon ik twee rondelen plakken op mijn tenen. Op elk eksteroog één. Voor mijn tweede teen kreeg ik wat hulp want die plaats zie ik niet. En wat een verademing als ik mijn schoenen aandeed. De pijnlijke druk is zo goed als weg. Ik kan weer normaal stappen.  Om 08u30 vertrekken wij, Herman en ik, langs de weg van de camping terug op de route. Daarna gaat ieder op zijn eigen ritme verder. Zoals ik gisteren al vertelde zitten er weer wat wijzigingen in de route.




Ik volg toch de gids van Lepère. Na wat draaien en keren door het heuvelende landschap kom ik in Les Berges op de Route Napoleon. Deze weg werd op bevel van de Franse Keizer aangelegd om zich met zijn troepenmacht zeer snel te kunnen verplaatsen, in dit geval vermoedelijk naar Spanje. Napoleon heeft dit misschien wel wat afgekeken van de Romeinse Keizers en hun heibranden.









 In ieder geval loop ik zoals in Napoleons tijd 10 kilometer op een bijna kaarsrechte weg, met zo goed als geen verkeer.










 Het is dan wel asfalt maar voor een keer trek ik mij daar niets van aan. Ergens op deze baan wordt ik ingehaald door een sneltreinpelgrim. Pierre, afkomstig uit Sedan is ook onderweg naar Compostella maar doet gemiddeld 48 kilometer per dag. Vandaag loopt hij van La Coquille naar Perigeux. Wij doen daar drie dagen over. Hij vertrekt meestal rond 5 uur om ’s avonds rond 18 uur aan te komen. Onze ontmoeting was dan ook van korte duur en ik zal Pierre dan ook niet meer tegenkomen.


 Rond 11u40 kom ik aan in Sorges. Ik heb vandaag terug mijn normale ritme kunnen lopen, wat een luxe. Het was een mooie dag, lekker zonnetje en warm, waardoor het vakantiegevoel volop aanwezig was. Dit is het Frankrijk zoals wij dit kennen vanuit de zomermaanden.







 Sorges is een heel mooi (maar piepklein) dorp dat volledig werd gebouwd rond de kerk uit de 12de – 13de eeuw. Heel mooi aan de buitenkant, in prachtige staat. Maar eens binnen valt mjn mond open van verbazing. Dit heb ik nog niet eerder gezien.


















Het kerkje is mooi gerestaureerd en toch van een modern interieur voorzien, die wonderwel een mooie eenheid vormen. Een mooie kruisweg in brons. Twee schelpen ingewerkt in het portaal en een beeldje van Saint Jacques  verwijzen naar een eeuwenoude band met de pelgrims. Een splinternieuw orgel, bouwjaar 2015, en nog niet ingewijd, een juweeltje. Michel dit moet je zien!

























Het  pelgrimsverblijf is achter de kerk, naast de Marie op een schilderachtig pleintje. Mijn eerste gedachte: hier moet een zeer goede burgemeester zetelen, alles rond het plein is in perfecte harmonie. Aangezien wij maar om 16 uur in de herberg binnen kunnen nemen wij ons middagmaal op het pleintje in de schaduw, want de zon geeft ondertussen flink van katoen.
Om 16 uur worden wij dan vriendelijk ontvangen in de herberg door hospitaliera Anique (vrijwilligster afkomstig van Parijs). Een mooie herberg waarschijnlijk onlangs vernieuwd. Er zijn 6 slaapplaatsen, en o.a. wasmachine en droogkast. Hadden wij dit gisteren maar geweten. Je betaald hier 20 euro voor verblijf, avondmaal en ontbijt. Deze avond eten wij asperges met saus hollandaise, kip fermière en aardbeien als dessert.  Het ruikt hier al lekker, dus Ik kijk er al naar uit. Ondertussen is er een derde pelgrim aangekomen, Laurence. Zij was ook  in Vézelay op dezelfde dag als ik.












  Zo zie je maar, je komt elkaar ooit wel nog tegen.

Eentje om af te sluiten (en in functie van het mooie weer vandaag):
In elke mens zit zon,
je hoeft die alleen maar
te laten schijnen.
(Socrates)